Over kunst en cultuur (in Drenthe en daarbuiten)

Categorie: Niet gecategoriseerd (Pagina 1 van 53)

Over krimp en woningbouw, over Pieter Omtzigt, Daniëlle Jansen en Jan Latten

Soms vraag ik mij af hoe het met Pieter Omtzigt is, de afgelopen jaren een van de meest besproken politici in Nederland.

Zaterdag trof ik zijn naam onder een artikel op de opiniepagina van Dagblad van het Noorden. En niet alleen zijn naam, maar ook die van econometrist en voormalig minister voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport Daniëlle Jansen.

Samen vragen ze in het artikel, dat de bevolkingskrimp als uitgangspunt heeft, om een debat over de vraag voor wie de komende jaren in Drenthe en Groningen woningen gebouwd moeten worden. Omtzigt en Jansen geven twee mogelijkheden aan: voor mensen die vanuit Nederland naar Drenthe en Groningen willen verhuizen, of voor mensen die van buiten Nederland naar Drenthe en Groningen willen verhuizen.

Om het door hen gewenste debat een richting te geven, wijzen Omtzigt en Jansen erop dat de trek vanuit Nederland naar Drenthe en Groningen niet waarschijnlijk is. “Dat is de afgelopen decennia niet gebeurd en Nederland als geheel krimpt al. Alleen buitenlandse migratie blijft over als manier om te groeien”, schrijven ze.

“Als Groningen en Drenthe hun plannen [voor de bouw van tienduizenden extra huizen om extra mensen te huisvesten] doorzetten, dan bouwen de provincies grote aantallen woningen om een grotere buitenlandse migratie mogelijk te maken, ofwel permanente vestiging vanwege werk, studie of asiel.”

En vervolgens: “Als de regio’s hiertoe besluiten, dan verwacht je een plan en een open publiek debat. (…) Voordat je een migratiestroom meehelpt op gang te brengen, kun je keuzes maken over de wenselijkheid en kun je problemen voorkomen door fatsoenlijk migratiebeleid en integratiebeleid. Je kunt zelfs keuzes maken of je actief stuurt op het soort migratie dat je wenselijk vindt.”

Al lezende moest ik denken aan een artikel van de hand van demograaf Jan Latten dat in juni op de opiniepagina van Dagblad van het Noorden stond. Ook in dat artikel ging het over een krimpende bevolking. “De vraag van de komende jaren zal zijn of de balans tussen baby’s en immigratie nog wel gedragen wordt door de samenleving of in toenemende mate tot sociale spanningen zal leiden”, aldus Latten.

Als lid van de redactie van Dagblad van het Noorden vraag ik mij af met welk doel is besloten de stukken van Omtzigt & Jansen en Latten een plek te geven in mijn krant. Als inwoner van Drenthe lees ik dergelijke stukken met belangstelling en zorg – dat ook.

De krimp fascineert mij al jaren, niet in de laatste plaats omdat het gevolgen heeft voor voorzieningen in mijn regio. Hoewel sommige mensen beweren dat een krimpende bevolking ook kansen biedt, leidt het volgens mij in ieder geval tot verdriet om verlies. En uiteindelijk tot onvrede. Lees daarvoor ook dit stuk.

Ik ben het niet eens met Omtzigt & Jansen en Latten. Hoewel de roep om een debat niet per se slecht is, kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat er iets niet deugt aan waar zij aandacht voor vragen.

Latten gaat hierbij het verst. Of zoals een DVHN‑lezer concludeerde: “De manier waarop Jan Latten in deze krant een dalend geboortecijfer koppelt aan immigratie en sociale spanningen is dubieus en zelfs onfris.”

Wat Omtzigt en Jansen schrijven is listiger. Mensen, kijk uit: straks worden in Drenthe en Groningen huizen gebouwd waar mensen komen te wonen van buiten Nederland. Dat brengt ‘nieuwe uitdagingen’ met zich mee.

Als je een dergelijke voorspelling op dit moment voorlegt in een zogenaamd open debat, dan staat de uitkomst bij voorbaat vast. Afgaand op het stemgedrag tijdens de laatste verkiezingen zal een meerderheid roepen dat wij in Drenthe en Groningen geen huizen moeten bouwen voor mensen van buitenaf. Want: eigen volk eerst.

Naar mijn mening moeten mensen die in hun eigen omgeving willen blijven wonen daarvoor de mogelijkheid krijgen. De bevolkingskrimp kan worden vertraagd als jongeren een kans krijgen om in de buurt een huis te kopen of te huren.

Tegelijkertijd ben ik van mening dat er in Nederland (koop)woningen beschikbaar moeten zijn – en komen – voor mensen die volgens de wet in Nederland mogen wonen en eventueel kinderen willen krijgen. Ongeacht waar zij vandaan komen.

Dit indachtig Artikel 1 van de Nederlandse Grondwet: “Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, handicap, seksuele gerichtheid of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”

Dat geldt dus ook voor Drenthe en Groningen.

Voor meer informatie bij bovenstaande afbeelding, zie deze link.

Thomas Azier in gesprek met Gijs Groenteman over kunstenaars in tijden van big tech

Thomas Azier was onlangs te gast in de podcast van Gijs Groenteman. En omdat ik Azier een goed kunstenaar vind, vooral omdat hij zo zijn eigen gang gaat, luisterde ik met aandacht. Dat werd beloond. Zie hieronder.

Gijs Groenteman: Thomas, leuk dat je er bent. Je hebt je keyboard meegenomen?

Thomas Azier: Ik dacht: het is misschien wel leuk om gewoon wat dingen te laten horen. Dat praat ook wat makkelijker. Muziek vind ik moeilijk om over te praten.

Gijs Groenteman: Talking about music is like dancing about architecture.

Thomas Azier: Exact, en vaak is dat ook de schoonheid van muziek. Dat we er heel veel woorden op kunnen plakken, en heel veel blablabla, maar uiteindelijk is het: je voelt het of je voelt het niet.

Gijs Groenteman: Als je het allemaal zou kunnen beschrijven, zou je geen muziek hoeven maken.

Thomas Azier: Precies. Het is vaak heel moeilijk, helemaal met mijn werk. Mijn essentie is niet te vatten in een tienseconden‑Instagramreel. En dat is ook gelijk de complexiteit.

Gijs Groenteman: Vind je dat lastig in deze tijd?

Thomas Azier: Ja, omdat dat eigenlijk het enige is wat van je wordt gevraagd. En vervolgens wordt op een bepaald moment succes gemeten aan data. En als je die cijfers niet hebt, dan wordt gezegd dat het komt doordat je niet te vangen bent in een essentie van tien of dertig seconden. Wat natuurlijk heel raar is, want als mens zijn wij niet te vangen in dertig seconden. Sterker nog: we zijn veel complexer dan dat.

Gijs Groenteman: Ik heb het idee dat er ook wel, zeker onder jonge mensen, een soort tegenbeweging aan de gang is. Ik ken jongeren, bijvoorbeeld mijn zoon, die heel intensieve filmliefhebber is geworden. En gewoon films van A tot Z kijkt, zonder telefoon. Hij leest. Sowieso is vinyl natuurlijk ook heel populair onder jonge mensen, bij uitstek een drager om iets in zijn geheel te consumeren en niet de hele tijd door te zappen. Dus ik heb het idee dat er onder jongeren misschien juist weer een soort liefde bestaat voor het volledig consumeren van kunst. Dat zeg ik ook om jou een klein hart onder de riem te steken, dat je zaak nog niet verloren is.

Thomas Azier: Wat ik zie, is dat heel veel mensen op zoek zijn naar wat in het Engels heel mooi ephemerality heet. Dus tijdigheid, vluchtigheid: een moment dat passeert en daarna niet meer terugkomt, zodat we voortleven in onze herinneringen. Ik merk dat vooral de jonge generatie daar honderd procent op inzet. Dat kan zijn tijdens concerten, misschien cinema, maar dat kan ook een gesprek zijn, een diner of een samenzijn. En dat is totaal niet de beleving die ons wordt verkocht door onze schermen. En dat vind ik megahoopvol.

En ik merk steeds meer dat de meest spannende dingen gebeuren achter gesloten deuren, omdat er in de publieke ruimte bijna geen plaats meer is voor dit soort momenten. Veel van die publieke ruimte is opgekocht door grote bedrijven, waardoor het steeds moeilijker wordt om spontane dingen te organiseren.

Gijs Groenteman: Heb je een herinnering aan iets wat achter gesloten deuren plaatsvond, dat heel bijzonder was?

Thomas Azier: Ik werd op het schoolplein uitgenodigd door een ouder met een wijnwinkel, die in zijn kelder concerten organiseerde. Daar zag ik een blinde violist. Die vertelde dat hij vroeger overal kon spelen, overal werd uitgenodigd. Maar tegenwoordig gaat alles alleen maar via het internet, en dat lukte hem niet. Die kelder was nog een plek waar hij kon spelen. Het was een van de meest emotionele en intense live‑ervaringen die ik heb gehad.

Gijs Groenteman: Dus de tijd is ingewikkeld, met de dominantie van Instagram en dat alles in reels moet. Maar tegelijkertijd zijn mensen ook weer zo dat ze zichzelf toch altijd losworstelen.

Thomas Azier: We passen ons heel snel aan. Sterker: we passen ons sneller aan dan de grote bigtechbedrijven kunnen. Die kunnen zich niet zo snel organiseren tegenover ons. Dus ik heb zeker hoop.

Dit zijn de genomineerden voor de Cultuur- en Natuurprijs 2026 van het Cultuurfonds Drenthe

Zes organisaties uit Drenthe zijn genomineerd voor de Cultuurprijs en Natuurprijs 2026 van het Cultuurfonds Drenthe. Beide prijzen zijn bedoeld om initiatieven zichtbaar te maken die een betekenisvolle bijdrage leveren aan cultuur, natuur en erfgoed in Drenthe.

Cultuurprijs 2026:

Kunstwerk Kolderveen ontwikkelt zich als broedplaats voor hedendaagse kunst, waar internationale en regionale makers samenwerken met bewoners en de omgeving. Met tentoonstellingen, educatie en experiment laat de organisatie zien dat Drenthe een vruchtbare plek is voor actuele kunst.

Stichting Roestvrij Theater maakt locatievoorstellingen in heel Drenthe, waarbij professionals samenwerken met amateurs en jongeren. Door telkens nieuwe speelplekken te kiezen, bereikt het gezelschap een breed publiek. Talentontwikkeling vormt een rode draad in hun activiteiten.

Museum Indruk in Meppel, het vernieuwde Drukkerijmuseum, richt zich op de grafische industrie en het ambacht van drukken. Bezoekers kunnen historische machines zien én zelf aan de slag, waardoor erfgoed op een toegankelijke manier wordt verbonden met nieuwe generaties.

De jury van de Cultuurfonds Drenthe Cultuurprijs 2026 bestaat uit Joep van Ruiten (voorzitter), Hilde Scholten, Leo Hegge, Carina Vinke en Suzanne Rus. Uit 23 voordrachten selecteerde de jury drie bovenstaande genomineerden.

Natuurprijs 2026:

Stichting De Proef in Frederiksoord verbindt erfgoed, ecologie en voedsel op een historische locatie van acht hectare. Vrijwilligers houden tuinen, kassen en gebouwen levend en toegankelijk.

Stichting Behoud Drentse Schaapskudden bewaakt de eeuwenoude schapenrassen en ondersteunt het beheer van heide en schraalgraslanden, essentieel voor biodiversiteit.

Stichting Kunsterf Norg richt zich op het leven onder de grond. Tijdens Wondergrond(s) wordt de bodem – en de schimmelnetwerken die ecosystemen verbinden – op inspirerende wijze zichtbaar gemaakt.

De jury van de Cultuurfonds Drenthe Natuurprijs 2026 bestaat uit Aaldrik Pot (voorzitter), Henk Boxma, Joke Wolff, Joop Verburg en Dirk Matthijs Meijberg. Uit 11 voordrachten selecteerde de jury deze drie genomineerden.

De winnaars ontvangen € 10.000. De genomineerden krijgen € 2.500. De prijzen worden op vrijdag 11 december 2026 uitgereikt door commissaris van de Koning Agnes Mulder, tevens voorzitter van het Cultuurfonds Drenthe.

Garage TDI opent vooropleiding dans in Rensenpark Emmen

Toen ik er begin maart over hoorde vertellen, besloot ik het onder de pet te houden, maar dat is niet langer nodig. Afgelopen donderdag maakte Garage TDI bekend dat het in Emmen een vooropleiding dans voor jong danstalent uit Noord‑Nederland begint. Citaten zijn afkomstig uit een persbericht:

‘Vanaf 1 september 2026 krijgen jongeren tussen 14 en 21 jaar de kans zich intensief te ontwikkelen binnen een programma dat aansluit op hbo‑dansopleidingen in Nederland. Daarmee wil de organisatie de doorstroom van regionaal talent naar professionele dansopleidingen vergroten.

De lessen en repetities vinden plaats in het Aziëhuis in Emmen, waar een bestaande theaterstudio wordt omgebouwd tot volwaardige dansstudio met bar en spiegelwand. De eerste groep start in september en werkt op vrijdagavonden en in weekenden. Binnen het programma staan talentontwikkeling, experiment en het maken van producties centraal.

Deelnemers krijgen les van professionele makers en verdiepen zich in dans, performance en improvisatie. Daarnaast creëren zij eigen voorstellingen en treden op tijdens festivals, in theaters en op bijzondere locaties in Noordoost‑Nederland.

Aanmelden voor de auditie kan via de website van Garage TDI. De auditiedag voor seizoen 2026‑2027 vindt plaats op donderdag 20 augustus. Tijdens workshops wordt gekeken naar basisvaardigheden, motivatie en nieuwsgierigheid. Ervaring is niet verplicht. Praktische informatie staat op garagetdi.nl/dans.’

Hoe transparantie over het gebruik van AI mijn wantrouwen bevordert

Er werd een mail bezorgd met een persbericht van een gerenommeerde uitgeverij uit het westen des lands. Naam en adres bij de redactie bekend. Er zijn schokkender zaken, maar deze was merkwaardig in de letterlijke betekenis.

Hoe mijn mailprogramma precies werkt, weet ik niet, maar bij sommige mails is sprake van ‘geblokkeerde inhoud’. Die blokkade kan ongedaan worden gemaakt als ik ‘de afzender vertrouw’. Doe ik dat niet, dan kan ik alleen de tekst lezen. In veel gevallen is dat afdoende. Eerst lezen, dan kijken.

Bij de mail waarover ik nu schrijf, verscheen een verrassende mededeling op het scherm. Ik geef ’m hier weer als screenshot waarbij naam en adres zijn verwijderd. De AVG wil ook wat:

Wat betekent de mededeling ‘Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist’? Betekent dit dat de hele mail of een deel daarvan door AI gegenereerd is? Welk deel is dan onjuist? Kan ik de inhoud van de mail wel vertrouwen? Wat zegt dit over de verstuurder? Dat hij of zij te lui is om ervoor te zorgen dat de verstuurde informatie betrouwbaar is?

Vragen, vragen, vragen.

Een paar dagen geleden liet de Europese Commissie – ik ben geabonneerd op een dienst die vanuit Brussel persberichten verstuurt – weten dat AI‑gegenereerde of gemanipuleerde inhoud duidelijk gelabeld moet worden om misleiding te voorkomen. Want ja, AI‑teksten kunnen feitelijke fouten, verzonnen bronnen of verkeerde interpretaties bevatten.

Transparantie voorop.

Vanwege alle ontstane twijfel en verwarring besloot ik de mail te verwijderen. Weg ermee. Zoek het uit met je persbericht. Zet maar een advertentie. Zie voor de vele mogelijkheden ook dit persbericht.

Nu probeert de Duitse deelstaat Nedersaksen ons ook al te verleiden

Misschien wel omdat ik hier eerder aandacht vestigde op de nieuwe marketingcampagnes van de gemeente Groningen en de regio Twente, werd ik geattendeerd op een campagne van de Duitse deelstaat Nedersaksen. De oosterburen van Drenthe voeren sinds begin juni de leus ‘Niedersachsen. Das ist groß.’

Blikvanger is basketballer Dennis Schröder, een man van wie ik niet eerder had gehoord. Hij blijkt een sporter van kleur. Die laatste twee woorden schrijf ik met enige gene, alsof iemands kleur ertoe doet. Ik vind van niet, maar denk vanuit marketingoogpunt van wel.

In het begeleidende persbericht lees ik dat het doel van de campagne is om ‘investeerders en geschoolde werknemers aan te trekken en het imago van de deelstaat als vestigingsplaats voor bedrijven te verbeteren’. Ook lees ik over een studie die ‘het potentiële waardecreatievermogen van Nedersaksen in groeimarkten op maar liefst 60 miljard euro in 2035 schat’.

In het bericht wordt verder het volgende geschreven:

“Niet langer zo terughoudend en bescheiden als voorheen, maar gedurfd en zich bewust van haar eigen sterke punten – zo presenteert de deelstaat Nedersaksen zich met de campagne ‘Nedersaksen. Dat is geweldig.’

De campagne laat zien dat Nedersaksen, als een van de grootste deelstaten van Duitsland qua oppervlakte, altijd al grote dingen heeft bereikt – van moderne landbouw en de auto-industrie tot de uitbreiding van hernieuwbare energie.

En het toont de deelstaat met een van de hoogste geboortecijfers van Duitsland, die ook in de toekomst een aantrekkelijke omgeving zal blijven bieden waar briljante ideeën kunnen floreren en de vakmensen van morgen zich kunnen ontwikkelen.”

Und so weiter, et cetera, enzovoorts.

De campagne gaat gepaard met wat een geluidslogo wordt genoemd. Gekozen is voor Wind of Change, bekend van de gelijknamige wereldhit van Scorpions. Scorpions maakt niet bepaald mijn muziek; vermoedelijk is het daarom zeer geschikt voor de promotie van een groot land met geweldige mogelijkheden.

Het geeft overigens te denken dat de boodschappen van Groningen, Twente en nu ook Nedersaksen tot in Drenthe doordringen. Stel dat ik en anderen eraan gehoor geven, dat ook ‘wij’ daar gaan werken en wonen – wat blijft er dan hier nog over?

Groningen Home of talent. Twente Goed voor mekaar. Oerprovincie Drenthe

Vorige week kwam het nieuws naar buiten dat Groningen zich nadrukkelijk wil profileren als een economisch krachtige en innovatieve regio. Dat gaat gepaard met de leuze ‘Groningen. Home of Talent’.

Drie topsportclubs – FC Groningen (voetbal), Donar (basketbal) en Lycurgus (volleybal) – gaan uitdragen dat Groningen een regio is waar wordt gewerkt aan ‘oplossingen voor morgen’. Mijn hoofdredacteur, Evert van Dijk, vertaalde Groningen meteen als ‘een plek waar je met een beetje talent in je donder, bij wilt horen’.

Omdat toeval bestaat lanceerde Twente Marketing dezelfde week een nieuwe regionaal merk voor Twente: ‘Goed voor mekaar’.

Citaat uit een persbericht: ‘De kern van het nieuwe merk is de manier waarop mensen Twente écht ervaren. Niet via foto’s of beschrijvingen, maar via momenten. Momenten waarin een plek, de mensen en een emotie samenkomen. Die gedachte vormt de basis van alles: van de merkvideo tot de visuele identiteit en van campagnes tot de manier waarop partners de regio presenteren.’

Het is verleidelijk om als buitenstaander vraagtekens te plaatsen bij dergelijke taal, maar dat is nergens voor nodig. Ik laat Adam Butler, merkregisseur van Twente Marketing aan het woord: ‘Een regio heeft geen merk nodig dat je bedenkt. De identiteit is er al. De kunst is om die te vinden. Niet bouwen, maar zoeken. Alleen zo ontstaat iets dat écht authentiek en onderscheidend is.’

In Drenthe gaat ondertussen alles gewoon zijn gangetje.

Twee weken geleden publiceerde mijn krant een interview met Yvonne Cornax, sinds 1 mei directeur van Marketing Drenthe. Drenthe wordt sinds 2017 verkocht als de ‘oerprovincie’ en dat zal voorlopig zo blijven.

De term verwijst volgens Cornax naar authenticiteit, oorspronkelijkheid en een stoere, ongedwongen sfeer. Om daar verder geen woorden aan vuil te maken verwijs ik naar deze link en onderstaande video.

Landschapsfoto’s van Saskia Boelsums nu ook als velletje postzegels

Net nu ik overweeg mijn postzegelverzameling van de hand te doen, komt PostNL met zegels die gemaakt zijn van landschapsfoto’s van Saskia Boelsums. Bij mijn weten is ze de eerste kunstenaar in Drenthe die zoiets voor elkaar heeft gekregen. Het velletje heeft ook een naam: Liefde voor landschap. Citaten uit een persbericht:

‘Saskia Boelsums is opgeleid als beeldend kunstenaar en staat bekend om haar schilderachtige foto’s van landschappen. Haar doel is vooral het overbrengen van een intense landschapsbeleving.  In haar landschapsfoto’s benadrukt ze daarom sfeer en emotie; het onderwerp van de foto’s varieert daarbij van zwoele zomeravonden tot ruige weersomstandigheden.

Door deze benadering komt haar werk zelfs op postzegelformaat tot zijn recht. De tien geselecteerde beelden tonen de rijkdom en variatie van het Nederlandse landschap, gezien door de ogen van Boelsums. De titel Liefde voor landschap wordt door Saskia Boelsums regelmatig gebruikt als motto voor haar werk. Haar meest recente boek en de lopende tentoonstelling in museum Koekoekhuis in Kleve (D) dragen dezelfde titel. 

Het postzegelvel Liefde voor landschap is vormgegeven door ontwerper Sandra Smulders. De postzegels verschijnen in een eenmalige oplage en zijn exclusief verkrijgbaar via de webshop en klantenservice van Collect Club van PostNL.’

« Oudere berichten

© 2026 Woest & Ledig

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑