Wat betekent Drenthe voor jou, en kun je dat zichtbaar maken? De vraag stellen is weer eens makkelijker dan haar beantwoorden.

Voor de tentoonstelling De beleving van Drenthe zijn de leden van het Drents Schildersgenootschap (DSG) uitgenodigd hun kijk op de provincie te verbeelden. In de DSG galerie in in Warenhuis Vanderveen in Assen is tot en met 5 september te zien waartoe dat heeft geleid.

Sinds de oprichting van het genootschap in 1954 hebben vele kunstenaars zich door de provincie laten inspireren, met name door het landschap. Als daar in zijn algemeenheid iets over te zeggen valt, dan is het dat Drenthe vaak is afgeschilderd als ongerept en rijk aan natuur, soms op het lieflijke af.

Toen de schilders van de Haagse School in de negentiende eeuw naar het ’Barbizon van het Noorden’ trokken, gebeurde dat in zekere zin ook al. Hoewel zij realisme nastreefden, drukten ze – wellicht ongewild – alsnog een romantisch stempel op Drenthe. Marketing Drenthe borduurt daar nog altijd op voort.

De beleving van Drenthe opent met twee schilderijen die een cliché bevestigen: Kampsheide van Annemarie de Groot en Wolken en water van Keimpe van der Kooi. Op beide werken is geen mens te zien, alsof het elementen zijn die een droombeeld verstoren. Zo kunnen schilders vrijuit een loflied zingen waar liefhebbers van Natuurmonumenten graag naar luisteren.

De liefde voor dergelijke schoonheid domineert. Daardoor springt in de DSG galerie de minder idyllische, want bezorgde kunst extra in het oog. Zoals twee aquarellen van Siemen Dijkstra van landschappen die door de mens zijn leeg geveegd en opnieuw ingericht: Col du VAM en Onttoverd landschap. Of de slogankunst waarmee graficus Albert Rademaker dit keer tegen de lelieteelt ageert.

Het meest uitgesproken is Arne Brink, een kunstenaar die zijn inspiratie haalt uit klimaatverandering, industrialisatie en de aantasting van biodiversiteit. Ook Brink spreekt zich uit over de lelieteelt, met een tekening waarop een ’gewasbeschermer’ zijn vernietigende werk doet. Evenmin mis te verstaan is Het maaiveld, een grote tekening die laat zien hoe een biotoop wordt opgeofferd voor voedselproductie.

’Grote onderwerpen vragen om een groots gebaar. Mijn taak is om u een fundament van denkrichting te geven, waar u op door kunt associëren’, schrijft Brink in een toelichting op zijn werk. Het biedt gelegenheid om een bitter gedicht van Lévi Weemoedt te citeren, getiteld De Drenten: ’O, het zal hun een zorg zijn/ of de wereld vergaat/ als om zes uur het eten/ maar op tafel staat’.’