
De Boekenweek 2026-editie van De Literaire Hemel in Amen werd afgelopen vrijdag afgesloten met een interview van Annette Timmer met Benny Lindelauf over zijn nieuwe roman Het licht tussen onze vingers. Het gesprek werkte weer eens wervend voor het lezen in het algemeen en literatuur in het bijzonder.
Het idee voor Het licht tussen onze vingers, zo vertelde Lindelauf aan een hoogpolig bekleed tafeltje in café De Amer, ontstond na het lezen van een aankondiging in de VPRO-gids. Het stukje vertelde van een radiodocumentaire over een jongen die tijdens een wintersportvakantie uit een skilift valt en twaalf jaar later ingekapseld in het ijs wordt teruggevonden.
De documentaire bleek al uitgezonden, maar het gegeven dat de ouders hun kind twee keer moesten verliezen – eerst door zijn verdwijning, daarna door de vondst van zijn bevroren lichaam, nog steeds jong terwijl zij wél ouder waren geworden – liet Lindelauf niet meer los. Hoe gaat een gezin om met een vermist kind? Hoe leef je verder zonder afsluiting? De schrijver knipte het stukje uit.
Jaren later leidde het tot een roman met een rijinstructeur van in de vijftig als hoofdpersoon. De man is na de verdwijning van zijn zoon verstrikt geraakt en staat bekend als ‘het ijsblok’, iemand die zijn emoties zorgvuldig onder controle houdt. Zijn huwelijk staat onder druk, zijn dochter worstelt met anorexia, zelf ontwikkelt hij psychosomatische spasmen waardoor hij tijdelijk niet kan werken.
Om te herstellen meldt de man zich als vrijwilliger bij een ooievaarsopvang. Voor zijn boek liep Lindelauf zelf stage op zo’n opvang, bij De Lokkerij in De Wijk. Daar leerde hij als vegetariër eendagskuikens doorknippen – noodzakelijk omdat jonge kuikens geen hele eendagskuikens kunnen doorslikken – en ontdekte hij dat ooievaars, ondanks hun reputatie als brengers van nieuw leven, ook hardhandige ouders kunnen zijn.

Ik wil niet de indruk wekken dat Het licht tussen onze vingers een zware roman is over een gezin in crisis. Daarvoor is Lindelauf een te goede schrijver. Zijn rijinstructeur is soms onhandig, soms ronduit komisch, en juist dat maakt hem menselijk en herkenbaar. Zelfs in de meest verdrietige situaties ligt de lach om de hoek.
Het boek is gepresenteerd als Lindelaufs eerste roman voor volwassenen. Er gingen meerdere versies aan vooraf voor de juiste vorm werd gevonden en Lindelauf de mythe kon loslaten dat een roman voor volwassenen per se ‘intellectueel’ of ‘zwaar’ moet zijn.
De volgende Literaire Hemel is in 10 april. Dan schuiven Esther Sloots, Frank van Pamelen en Rick Honings aan in café De Amer om te vertellen over respectievelijk de roman Waar de suikerbieten groeien, het vrolijke taal-ABCDarium Hebba Nolla en het leven en werk van Nicolaas Beets. Kaarten zijn nu al te koop.