We maakten een wandeling over de Schimmeres. Op de Sluisvierweg ter hoogte van het woonwagenkamp werden we aangesproken door een man die, zo bleek later, speciaal voor ons zijn auto tot stilstand had gebracht en zijn raampje opende.

“Er valt u iets weg,” sprak de man.

Ik keek achterom en zag een stukje verderop een ceintuur liggen. (Eigenlijk was het een deel van een sling, maar dat roept zoveel vragen op, het zou vooral afleiden.)

Ik bedankte de man, liep terug en raapte de ceintuur op. Daarna vervolgden we onze wandeling. We moesten nog een heel eind.

“Er valt u iets weg – ik zou dat zelf nooit zo gezegd hebben,” zei ik. “Ik zou zeggen: U heeft iets laten vallen.”

“Ik zou het wel zo gezegd hebben,” reageerde zij.

“Volgens mij is het Drents. Ik moet bekennen: ‘Er valt u iets weg’ is mooier dan ‘U heeft iets laten vallen’. Het is passiever en impliceert dat het je is overkomen, dat je er zelf niet de hand in hebt gehad, wat min of meer het geval is. ‘U heeft iets laten vallen’ veronderstelt dat er een handeling aan vooraf is gegaan, dat het bewust is gebeurd.”

“Misschien was dat ook wel zo.”

In de verte dreigde regen.