

Over kunst en cultuur (in Drenthe en daarbuiten)


Plaats: Artis, Amsterdam
Foto: © Woest & Ledig
Bijzonderheid: oorspronkelijke plek Thorbeckeplein, geplaatst in 2011

Nowelle Barnhoorn (foto Sacha de Boer) gaat 15 december in theater Mozaïek in Zuidlaren in gesprek met Rudi Kamminga over De Tweelingparadox, haar roman die de afgelopen maanden is gelezen door leden van de Stichting Literatuurclubs Drenthe (SLD). Aanvang is 14.00 uur, entree 10 euro. Kaartjes verkrijgbaar via deze link.
Uit een persbericht waar ik via de mail de hand op heb weten te leggen:
‘Acceptatie is de sleutel naar geluk’, liet Nowelle Barnhoorn in een interview in NRC optekenen. Jarenlang heeft ze ermee geworsteld dat zij de ‘goede’ kant van een eeneiige tweeling is. Om ten slotte tot de conclusie te komen dat het leven is zoals het is. Daar gaat haar boek De Tweelingparadox over. Daarin blikt Mathis, een knappe, succesvolle fotograaf, terug op zijn jeugd als gezonde helft van een eeneiige tweeling Het is maar de vraag welke van beide broers het gelukkigste is en over de meeste levenswijsheid beschikt…’

Morgen, deo volente, in de cultuurbijlage van Dagblad van het Noorden en Leeuwarder Courant een interview met Bart Droog uit Eenrum, ook wel bekend als Bart F.M. Droog, Bart ’telraam’ Droog, poëziecommando Droog en, volgens Bas Kwakman, ‘de eeuwige vijand in de struiken’.
In de krant komt deze veelzijdigaard aan het woord als onderzoeksjournalist. Want: hij zette recentelijk voor Droog Magazine en The Post Online de laatste tanden in ‘de zaak Ad van Liempt’ en de activiteiten van A. Hitler als kunstschilder.
Hoe het stuk er precies uit gaat zien is op dit moment ongewis. De eindredacteur van dienst heeft gemeld dat het ’te lang’ is. Waarop ik stelde dat het helegaar niet te lang is, maar dat het door chef bijlage op verkeerde pagina’s is gezet. Net als het wel heel erg ruim opgemaakte diepte-interview met Jan Keizer en Anny Schilder.
Ook over de foto’s van Jan Willem van Vliet, gemaakt bij een bietenbult, wordt nog gediscussieerd.
Mogelijk halen de volgende twee alinea’s de krant niet:
‘Komen de Dichters uit Epibreren nog een keer bij elkaar? ,,Zoals het er nu voorstaat, vrees ik van niet. Ik wil graag, maar de anderen blijkbaar niet. Er lag een uitnodiging om op te treden tijdens de uitreiking van de Johnny van Doorn-prijs, maar dat ging niet door.” Komen er nog gedichten? ,,Heel af en toe. Ik moet wel iets te zeggen hebben. Ik ga niet dichten om het dichten.”
Twee jaar geleden verscheen een bundel met twee nieuwe gedichten, Moordballaden. Daarin staan twee gedichten van zijn hand. ,,Ik kan nu onthullen dat een van die twee, het Bonifatius-gedicht, een falsificatie is. We doen alsof het originele gedicht uit 754 stamt en naar het Nederlands is vertaald. In werkelijkheid is de Nederlandse vertaling een origineel gedicht van mij waar Cornelis van der Wal een quasi oud-Friese vertaling van heeft gemaakt. Wie het leest en logisch nadenkt, moet beseffen dat de authenticiteit van een uit de achtste eeuw mondeling overgeleverd gedicht onmogelijk is.” ‘
Kortom, ook morgen weer een spannende dag.

Annemarie Haverkamp (foto Jan Willem Kaldenbach), Michèl de Jong en Esmee van den Boom zijn 13 december te gast tijdens de laatste Literaire Hemel van 2019 in café De Amer in Amen. Aanvang 20.15 uur. Entree 15 euro. De (piano)muziek komt van Pianist Freek Luik.
Uit het persbericht:
‘Annette Timmer praat met Annemarie Haverkamp over De achtste dag, een roman over de liefde voor een vrouw en een kind, en over de vraag wat we achterlaten als we sterven. Haverkamp won er de Bronzen Uil 2019 mee, de Vlaamse literatuurprijs voor de beste Nederlandstalige debuutroman.
Joep van Ruiten vraagt Michèl de Jong hoe je een biografie schrijft van iemand die zeer op zijn privacy was gesteld. Drs. P (1919-2015), tekstdichter en kleinkunstenaar, deed over zijn leven er stelselmatig het zwijgen toe. Michèl de Jong heeft Heinz Polzer, zoals Drs.P eigenlijk heette, de laatste acht jaar voor zijn dood van nabij meegemaakt.
Esmé van den Boom won met haar voorstel voor de poëziebundel Eigen kamers vorig jaar het Hendrik de Vriesstipendium van de gemeente Groningen. Van den Boom voerde bijna twintig gesprekken met vrouwen over de beslissingen die ze maken en maakten voor de toekomst. In Amen wordt haar debuut gepresenteerd.’
Reserveren via reservering@literairehemel.nl

Na een bezoek aan de kunstbeurs PAN in de Rai te Amsterdam – met stands van Richard ter Borg en Harms Rolde en elders kunst van Isabella Werkhoven en Saskia Boelsums – besloten we ook nog een kijkje te nemen in het Stedelijk Museum.
Eerst banjerden we de ‘badkuip’ binnen, waar zich tegenwoordig vaste collectie bevindt. Vervolgens namen we de roltrap omhoog naar het hoofdgebouw.
Daar wordt uitgepakt met de tentoonstelling The Factory van Carlos Amorales, een Mexicaanse kunstenaar. Die in de jaren negentig in Amsterdam heeft gestudeerd een toentertijd een contract opstelde waarna Gabriel Lester zich een maand lang Carlos Amorales mocht noemen en zijn atelier gebruiken.
Zelf verbleef Amorales in Mexico waar hij maskers van zijn eigen gezicht maakte en deze gaf aan bevriende kunstenaars, showworstelaars en onbekenden. Voorzien van zijn bühnenaam en masker, traden zij op in echte worstelwedstrijden en performances in musea en kunstinstellingen.

Meest opvallend en indrukwekkend zijn echter, naast een zaal waarin als eerbetoon aan Alexander Calder een reusachtig mobiel van cymbalen is opgehangen, vier kabinetten met aan de wanden 23.000 uit zwarte papier geknipte vlinders. Ze zitten overal, als een schitterende plaag.
Terecht schreef Edo Dijksterhuis in Het Parool het volgende over de kunst van Amorales:
“In een tijd dat kunst bijna per definitie lijkt te moeten gaan over plasticsoep, het vluchtelingenprobleem, institutioneel racisme of gender is het ronduit verfrissend weer eens een tentoonstelling te zien die gaat over het maken van kunst. Kunst die niet per se meer hoeft te zijn dan dat, en daardoor des te krachtiger is.”
Die woorden waren al weer vergeten toen we ’s avonds vanuit een boot de achtste editie van het Amsterdam Light-festival bekeken. Dit jaar heeft het evenement als thema ‘disrupt’ meegekregen, wat Amsterdams is voor ontregeling. In de praktijk viel de ontregeling best mee, ondanks een opvallend aantal waarschuwingen voor de stijgende zeespiegel.

De Groninger kunstenaar Lambert Kamps had het festivalthema misschien wel het best begrepen. Zijn lichtkunstwerk Order/Disorder deed het niet. Wat hem op het misprijzen van onze gids kwam te staan. Van Gabriel Lester, daar is hij weer, opgegroeid in Groningen, zagen we een lichtprojectie op de boeg van museum Nemo: Nobody.

Uit: Dagblad van het het Noorden 21/11.

Mijn gevoeligheid voor hiërarchie, voor rang- en volgorde, heeft geleid tot extra aandacht voor de wijze waarop ‘mijn provincie’ in de media wordt behandeld, opgevoerd of afgeschilderd: als kroonjuweel, als woest en ledig, als malle Eppie, als het varkentje aan de laatste mem.
Dankzij die interesse weet ik dat Drenthe bij mijn eigen bedrijf, de NDC Mediagroep, het mediahuis van Noord-Nederland, in opsommingen vaak als laatste aan bod en in beeld komt.
Neem de vormgeving van de website van Dagblad van het Noorden, de krant voor zowel Drenthe als Groningen. Op de website wordt Groningen vóór Drenthe geplaatst. Terwijl de meest logische volgorde, die van het alfabet, heel anders is.
De gehanteerde volgorde heeft vermoedelijk met andere prioriteiten en interesses van de makers te maken. Het heeft vermoedelijk ook van doen met egocentrisme, een eigenschap die door Groningers als onbeleefd en ongepast wordt gezien als Westerlingen zich ervan bedienen, maar dat telt blijkbaar niet als ze zich er zelf schuldig aan maken.
Donderdag stond een stuk in de krant over de lengte en het gewicht van inwoners van Noord-Nederland. De auteur, Michel Brandsma, woonachtig in Hoogeveen, begon het aldus: ‘Drenten, Friezen en Groningers zijn gemiddeld de langste mensen van Nederland.’ Voor de internetversie had iemand, op de redactie in Groningen, die opsomming veranderd. Zie afbeelding hierboven.
In Friesland kunnen ze er ook wat van, zo blijkt uit het volgende voorbeeld, afkomstig uit de Leeuwarder Courant. Waarin onlangs melding werd gemaakt van een competitie voor films uit de drie Noordelijke provincies. De Friese schrijver van het stukje, Asing Walthaus, noemt in het stukje zijn eigen provincie het eerst en Groningen als tweede.

Drenthe als bijvangst.
Het is geen ramp. Het is incorrect.
Helemaal ervan uitgaande dat de uitgeverij en de daarbij behorende journalisten voor hun inkomsten afhankelijk zijn van een juist gebruik van het alfabet.

Ik lees voor Dagblad van het Noorden en, deo volente, ook Leeuwarder Courant het boek Van God spreken van Job van Schaik en Wouter Slob. Eerstgenoemde is een naaste collega, wat geen probleem is, zo naast is hij. Tweede is predikant in Zuidlaren en net afgezwaaid als bijzonder hoogleraar protestantse kerk, theologie en cultuur aan de universiteit Groningen. Ik wist niet dat het bestond. Ik weet zoveel niet.
Een paar dagen geleden hadden we een ingezonden brief in de krant waarin een lezer reageerde op een interview met de jonge Theoloog des Vaderlands Mark de Jager. De briefschrijver noemt theologie pseudowetenschap. “Het zijn praktijken, aannames en principes die door middel van traditie tot stand zijn gekomen. (…) Pseudowetenschap is onbetrouwbaar en kan niet aan de vereiste toetsingscriteria voldoen. Theologie ligt daarom op het kerkhof van de reguliere wetenschap.”
Ook die lezer wil ik van harte Van God spreken aanraden. Het boek probeert ‘iets’ duidelijk te maken van wat religie kan zijn en betekenen en laat tevens zien hoe theologie daar een rol bij kan spelen. Slob doet dat door antwoord te geven op vragen die door Van Schaik worden gesteld. Keihard bewezen wordt er niets, denk ik halverwege het boek. Toch wordt er wel degelijk veel verklaard en soms ook duidelijk gemaakt. Voor mij althans.
Citaat van bladzijde 43 in een hoofdstuk over en van diepere lagen, ongelovige dominees, almacht als overmacht, de wijsheid van Job, waarheid en Dachau, Albert Einstein en Niels Bohr, meten is weten, (post)-seculariteit, het autonome subject en doping in de sport:
‘God laat zich niet bewijzen of aantonen, en dat maakt de theologie in de ogen van het sciëntisme tot een discutabele wetenschap. Vrijwel alle theologische faciliteiten in Nederland hebben zich dan ook min of meer omgevormd tot godsdienstwetenschappen. Dan gaat het om het in kaart brengen van het verschijnsel religie. Daar wordt gesproken over spreken over God. Maar de doordenking van hoe er over – of van – God gesproken kan worden, blijft uit.’
In Van God spreken wordt veel en diep doorgedacht, het doet mij aan filosofie denken. Soms gaat het zo ver dat ik niet meer goed kan volgen en begrijpen wat ik gelezen heb en het dus hier ook niet meer reproduceren. Sorry daarvoor. Het vreemde is evenwel dat ik veel van wat aan de orde komt wel kan voelen. Ik geloof dat dit voor meer mensen met een interesse voor religie geldt. Het begint met voelen. Soms is voelen afdoende. Wie daar geen genoegen mee wil nemen, kan het met denken proberen.
(Geloven in God is een kwestie van overgave. Iets aannemen zonder zeker te weten. Ik ben wetenschappelijk nauwelijks onderlegd, maar volgens mij begint het met het aannemen dat het morgen vrijdag wordt. Bewijzen dat het morgen vrijdag wordt kunnen we niet. Wel kunnen er op proberen te vertrouwen, want het is al zo vaak in de geschiedenis vrijdag geworden. We hebben het zelf gezien, maar dat dit wonder de volgende keer weer geschiedt is steeds weer afwachten. Misschien knalt de boel straks uit elkaar. Pats.)
Op bladzijde 115 gaat het over de genade. Van Schaik vraagt zich af of genade verzoening is met het aardse leven. Slob antwoordt dit:
“Ja, de kern van de genade is een onverdiende bevestiging van je bestaan en je identiteit. Die is nadrukkelijk onverdiend in de zin dat je er geen recht op hebt. Dat is bij de genade essentieel en dat maakt het ook meteen heel lastig. Je kunt het niet verwerpen, kopen of verdienen. De essentie is dat je er geen recht op kunt doen gelden. Maar je kunt er wel een beroep op doen. En als je er een beroep op doet, betekent het dat je nodig hebt.”
Fascinerend spul. Nu weer verder lezen. En hopen dat de krant volgende week nog bestaat.

Uit: de Volkskrant, 15/11/2019.
© 2026 Woest & Ledig
Thema gemaakt door Anders Noren — Boven ↑