StedehouderInEmmen De gemeenteraad van Emmen stemde afgelopen week definitief in met de verhuizing van de dierentuin én de bouw van een nieuw theater in Zuidoost-Drenthe. Ongeveer een half miljard euro gaat het megaproject kosten. Het moet leiden tot een nieuw centrum, meer toerisme en consumptie, vele honderden extra banen en ondergrondse parkeergarages rondom een publiekattractie waar natuur en cultuur door één deur kunnen.

 

Om de bevolking van Emmen alvast aan dat laatste te laten wennen, ging zaterdag de manifestatie ‘Winterlicht’ van start. Tot en met 4 januari is de oude dierentuin daartoe gedurende een paar dagen nu ook ’s avonds open gesteld voor publiek. Meest opvallende toevoegingen zijn duizenden lampjes, een schaatsbaan, een theaterroute, een lasershow en een lichtkunstwerk.

 

Met name de lasershow bracht tijdens de opening veel volk op de been. Midden op de savanne was een witte bol neergezet waarop in het duister beelden werden geprojecteerd: een eenvoudige animatie met in de hoofdrol een pratende pinguïn die de kijkers enthousiast wilde maken voor de dierentuin na 2014. De lichtshow deed ondertussen denken sterk denken aan een illegale rave.

 

Al werden soms aardige effecten bereikt, verfijnd oogde het allerminst. De muziekkeuze maakte het nog veel erger: lompe meuk uit de jaren negentig toen de elektronische dansmuziek nog in de kinderschoenen stond. Gaandeweg begon er iets te knagen. Is dat wel zo verstandig, die lichtvervuiling en geluidsoverlast in een omgeving waar normaliter giraffes, antilopes en zebra’s gevangen worden gehouden?

 

De Partij voor de Dieren was nergens te bekennen, maar wel werd automatisch de vraag opgeroepen, in hoeverre cultuur en natuur straks samen kunnen gaan in Emmen. Zeer ver: op het gemeentehuis circuleert inmiddels een idee om een eigen theatergezelschap op te richten. Maar als er één kunstdiscipline is waar veel van verwacht mag worden, dan is het wel de beeldende kunst.

 

Die conclusie kan althans getrokken worden op basis van de lichtinstallatie die Carla Stedehouder ter gelegenheid van Winterlicht heeft ingericht in het Aziëhuis. In een ruimte waar normaliter een replica van een uitdoste Indische olifant staat opgesteld, heeft zij twee werken geplaatst: de handzame Ark van Noach, eerder te zien bij Verkuno in Roden, en een uitgebreide versie van de titelloze installatie waarmee ze is afgestudeerd aan Minerva in Groningen.

 

Stedehouder werkt in Emmen met glasvezeldraden, koperdraden en een lichtmixer. De draden hangen aan een streng, schijnbaar los, in een stille ruimte en zijn zo gevormd dat de kijker er koppen van dierfiguren in kan herkennen. Door vervolgens licht in verschillende kleuren en sterktes langs de draden te geleiden wordt een fantasiewereld gecreëerd waarin van alles twinkelt, schittert, glimt en glanst en voortdurend beweegt.

 

Met haar toverachtige en hallucinerende werk lijkt Stedehouder nadrukkelijk een scheiding te willen maken tussen verbeelding en realiteit. Vandaar ook haar motto ‘Ik creëer liever een droomwereld; de werkelijkheid redt zich wel’. In het geval van het Megaproject in Emmen is dat laatste vooralsnog discutabel.  Alle schetsen, voorbereidingsbesluiten en papieren plannen ten spijt – voorlopig is er alleen nog maar een droom om aan vast houden.

 

De lichtinstallatie van Carla Stedehouder is ieder weekend tot en met 4 januari te zien in het Aziëhuis in Dierenpark Emmen. Zie ook www.carlastedehouder.nl